m.u.v zware of grote artikelen

Het 3-lagensysteem uitgelegd

15 september 2017


Zo werkt het 3-lagensysteem

Wij zijn het liefst zoveel mogelijk buiten. Jij ook? Helaas is het weer in ons land niet altijd even stralend; regen, harde wind en kou staan regelmatig op het menu. We zien je tijdens je buitenactiviteit liever niet in een ijspegel veranderen en leggen je daarom graag uit hoe je je weert tegen de grillen van moeder natuur met behulp van het 3-lagensysteem.

Het 3-lagensysteem – je verwacht het niet – is een aankleedtechniek waarbij je gebruik maakt van 3 lagen kleding. Dit klinkt eenvoudig, maar het behoeft toch enige uitleg. Elke laag heeft namelijk een eigen functie en hier pas je de kleding op aan. Tijdens je buitenactiviteit creeer je warmte (zweet) die je eigenlijk meteen weer kwijt wilt, maar je wilt ook niet te snel afkoelen. Door 3 lagen bovenkleding aan te trekken, reguleert je outfit deze temperatuur zelf. Maar dan moet je niet zomaar 3 dikke truien over elkaar heen trekken, we leggen je uit hoe het wel moet.

1. Onderlaag – houdt je droog

De onderlaag houdt je warm en droog. Of je nu een korte wandeltocht loopt of een marathon rent, je zult in beide gevallen gaan transpireren. Het is belangrijk dat dit vocht zo snel mogelijk naar de volgende laag afgevoerd wordt. Als dit niet gebeurt, wordt je lichaam vochtig, met een koud gevoel als gevolg. Om te voorkomen dat het bij de eerste laag al in de soep loopt, kies je voor een stof die makkelijk vocht kan afvoeren. Hiervoor is een stof als katoen dus niet geschikt voor, want katoen houdt vocht vast terwijl wol juist vocht doorlaat. Voel je de kriebels al als je het woord wol hoort? Niet nodig! Kies bijvoorbeeld voor een thermoshirt van merinowol. Dit is een heerlijke zachte stof die niet jeukt en toch zeer goed vocht afvoert. Dus weg met dat zweet, op naar de volgende laag. 

2. Tussenlaag – zorgt voor isolatie

De middelste laag kleding is de isolerende laag. Deze laag – in tegenstelling tot de onderlaag – mag wat losser om het lichaam zitten. Op deze manier vormt er zich een isolerende laag warme lucht tussen de onderlaag en de tussenlaag. Net als bij de onderlaag is het van groot belang dat je voor een stof kiest die vocht doorgeeft. Fleece is bijvoorbeeld een zeer geschikte stof. Kies bij voorkeur een lekkere trui zonder ritsen; ritsen zorgen voor warmteverlies. En als we iets niet willen is dat het wel! 

3. Buitenlaag – beschermt tegen regen, wind en kou

De laatste laag is je pantser tegen alle weersomstandigheden. Wind laat de gevoelstemperatuur flink dalen; kies dus voor een winddichte outdoorjas om dit te voorkomen. Verder is het belangrijk dat de buitenlaag waterdicht is. Als je lichaam vochtig wordt is het namelijk snel gedaan met de warmte. Naast water- en winddicht moet de buitenste laag ook ademend zijn. Het vocht uit je lichaam heeft al een hele tocht afgelegd via de onder- en tussenlaag en wil nu graag naar buiten toe. Tip: kies voor een jas die je makkelijk uit en aan kan trekken, voor als er plotseling een heerlijk zonnetje doorbreekt. 


Naar overzicht